Uitslapen op maandag – avontuur op de arbeidsmarkt

Vandaag was de laatste maandag in ongetwijfeld een lange tijd dat ik kon uitslapen, thuis blijven en na de middag een blogpost beginnen schrijven terwijl ik nog niet een halve werkdag achter de kiezen heb.

De laatste maandag in een lange tijd die in het verschiet ligt evenwel. De voorbije weken had ik soms ook al de mogelijkheid om eens een uurtje langer te blijven liggen. Eind februari kon ik immers aankondigen dat ik vanaf nu freelance online marketeer ben. Dat wil zeggen dat ik niet meer in vaste loondienst online marketing taken ging vervullen, mijn eigen klantenbestand zou aanleggen en zo mijn boterham met confituur verdienen. Freelance impliceert je eigen uren bepalen – hence sommige maandagmorgens – maar uiteraard ook veel werken. Ik heb al veel gesprekken gehad met potentiële klanten en partners, met m’n concullegae en uiteraard ook met mijn boekhouder. Bij deze een shout-out naar Jeroen, die me al goed heeft geholpen bij het behandelen van hopen administratie, een kritisch-constructieve blik op mogelijke werkopportuniteiten en de persoonlijke babbel die er altijd bijhoorde. (Ik kan niet linken naar zijn website want die heeft hij niet. Misschien moet ik hem dat eens aanbieden…)

Logic-Immo.be logoEnkele gesprekken en offertes verder en ik kon beginnen op mijn eerste project – en meteen een enorm uitdagend. Zo werk ik sinds begin maart bij Logic-Immo.be als Content & Community Manager. Als deel van de Belgische (Franstalige) mediagroep IPM brengt Logic-Immo aanbiedingen van immokantoren bij de consument. Gegarandeerde kwaliteit dus: de experten doen verkoop & promotie, geen particuliere zoekertjes, geen verkopen van bij notarissen. Een enorm aanbod, geen kleine speler en een groot netwerk via de gedrukte magazines en kruisbestuiving met de andere onderdelen binnen de IPM groep. Ondertussen blijf ik echter klantenontmoetingen hebben want het is natuurlijk enorm belangrijk om voldoende werk te hebben. Volg gerust mijn Twitter-account voor meer updates over wat ik daar en elders uitsteek….

Het plan was dus wel degelijk om mij volledig, voltijds en vol enthousiasme op het freelance leven te werpen. Al dan niet met uitslapen op maandag. Along came an offer I couldn’t refuse… Volgende week maandag start ik immers halftijds en tijdelijk (6 maanden) als kabinetsmedewerker van schepen Maite Morren van Elsene. Ik ga er communicator worden en zorgen dat het werk dat de gemeente verricht op Maite haar beleidsdomeinen én uiteraard het werk van Maite zelf als schepen vindbaar, duidelijk en verspreid geraakt. Denk website, nieuwsbrief, sociale media, flyers, affiches en zo meer.

Maite MorrenMaite is ook bekend als voorzitter van Animo, de jongerenbeweging van sp.a waarin ik al enkele jaren actief ben. Elsene is ook bekend als die gekke gemeente die op 1 april bekendmaakte om een kabelbaan te willen installeren om zo het verkeer te ontlasten. Maite is als 9de en enige Nederlandstalige schepen bevoegd voor Nederlandstalige aangelegenheden, wijkleven, economaat, telematica en drukkerij – en ze kan één kabinetsmedewerker in dienst nemen. Die start halftijds in mei en voltijds in oktober – en in de tussentijd kom ik erbij.

An offer I couldn’t refuse: politieke communicatie, een kabinet, Brussel als politieke omgeving, een jonge schepen, een “first timer” als schepen, … Moet ik nog argumenten geven? Het aanbod overviel me en ik heb het graag aangenomen – kansen moet je grijpen! Je zal me de komende weken dus als regelmatige pendelaar naar Brussel kunnen vinden. Uitslapen op maandag zit er dan niet meer in: dan start de werkweek voor iedereen, en ook de politieke week.

Social business: 5 cases uit België en Nederland

Social business is een hot topic – zo hot dat ik er afgelopen vrijdag een blog bericht over schreef 🙂 Ik definieerde social business als volgt:

“Social business” is de waarden en lessen uit sociale media toepassen op de eigen werkprocessen om zo tot een beter bedrijf te komen, betere producten en betere relaties tussen werknemers en met klanten.

Theorie is natuurlijk niets zonder sterke voorbeelden uit de praktijk. Er zijn immers al enkele voorbeelden te geven van bedrijven die de spirit van “social business” volledig beet hebben en met grote stappen naar een sociaal business model evolueren. Ik geef hieronder kort vijf voorbeelden mee:

 

1. Mobile Vikings product ontwikkeling en customer support

De virtual mobile operator Mobile Vikings, actief in België en sinds kort in Nederland, gebruikt intensief sociale media om haar klantendienst te voeden met problemen en vragen van Vikings. Via de sociale CRM tool Engagor worden online conversaties en vragen opgevolgd en toegekend aan een medewerker van de helpdesk.

Mobile VikingsHiernaast wordt de community ook geactiveerd om product suggesties te doen via o.a. sociale media (opgevolgd via Engagor) en op de website (getuigenissen). Zo heeft de provider haar gratis voordelen per product al uitgebreid na uitgebreide feedback van haar klanten. De openheid, interactie en authenticiteit hebben de mobiele provider geen windeieren gelegd: het klantenbestand groeide sinds de lancering in 2009 naar 30.000 klanten in 2011, 75.000 klanten in januari 2012 en 100.000 klanten in mei 2012.

Mobile Vikings heeft onlangs gekozen om voor toekomstige ontwikkelingen in zee te gaan met Twitspark , dat exclusief gericht is op online klantendienst toepassingen. Het lange traject dat Mobile Vikings heeft afgelegd met Engagor, toont echter de waarde van “social business” en de specifieke instrumenten die deze ontwikkelingen kunnen ondersteunen.

2. KPN: the road towards becoming a social enterprise

KPN telecom Nederland

Sebastiaan van Rijnsoever, directeur sociale media van KPN, vertelde op het Nederlandse Social Media Congres 2012 over de transitie van telecomoperator KPN naar een “social enterprise” of social business. KPN benadert sociale media niet als een hype, maar als iets dat hier zal blijven en waaruit een bedrijf enorm kan leren om haar producten en dienstverlening te verbeteren. Zo kiezen ze voor een attack and defend strategie:

Aan de ene kant heeft KPN de ambitie om een meer open bedrijf te worden en de positieve conversatie over het merk te activeren (attack). Aan de andere kant is KPN bezig met het verwerken van informatie en insights die worden opgedaan uit social media om de impact van negatieve conversaties te verlagen (defend).

KPN geeft zelf aan dat dit geen eenvoudige opgave is maar de enige mogelijke weg voor het bedrijf, is de weg vooruit. Door het gebruik van instrumenten zoals een intern kennisplatform, een duidelijke roadmap en verschillende toolkits om problemen aan te pakken, wordt de groei van het bedrijf ook via online sterk ondersteund.

Hertog Jan bieren

3, 4, 5: Philips, Hertog Jan en Rituals

In dezelfde verslaggeving van bovenvermeld congres zijn voor de nieuwsgierigen ook cases van Philips, Hertog Jan en Rituals terug te vinden. Er is op andere plaatsen ook nog interessante informatie terug te vinden over de social business strategie van het biermerk Hertog Jan, dat een revival kende door online strategieën offline toe te passen: bierproeverijen voor fans online influencers, om maar iets te noemen.

Starten met social business

Zijn er al enkele ideeën aan het sudderen om in uw eigen bedrijf of organisatie aan de slag te gaan? Aarzel niet om me te contacteren. Mijn uitgebreide ervaring met sociale media kan voor u de kickstart betekenen om met een sociaal business project aan de slag te gaan!

Phare Conference 2013

Ik ben vandaag op Phare Conference, een boeiende dag vol lezingen en speeches rond de toekomst van het internet. Deze conferentie gaat in Gent door, in de Handelsbeurs, en verenigt enkele knappe koppen zoals Julien Fougaerd, Cor Moolenaar en Sofie Verhalle. Er zijn 350 andere geeks hier (en ander slim volk) die samenkomen om te ontdekken wat het wereldwijde web voor hen betekent, voor de sprekers, en hoe we samen vooruit kunnen gaan.

De eerste spreker van de dag, Julien Fougaerd, is aan het spreken op het moment dat ik deze blogpost schrijf. Een kort inzicht in wat hij aan het vertellen is:

What if we no longer focus on making objects to access the web, but build the web into every object we create? It’s mouth-watering candy for science fiction and gadgets buffs.

Lees: the internet of things. Het internet als toekomstbeeld van een verbonden wereld, niet alleen verbonden mensen. Arduino, 3D printers, … Een duidelijk voorbeeld van de hacker subcultuur (bvb. 0x20) die in de mainstream geraakt.

Je kan de Phare Conference meevolgen op Twitter via de hashtag #phareconf of nadien de verslagen lezen (foto, video, tekst) op het digitaal contentplatform Bloovi.

Werken als jobstudent in 2012-2013

Eind september 2012 gaf ik in Jeugdhuis Achterban een vorming rond werken als jobstudent in het academiejaar 2012-2013. Er zijn drie grote aspecten waar je rekening mee moet houden als je wil werken als jobstudent: arbeidsrecht, sociale zekerheid en fiscaliteit.

In de presentatie geef ik ook een hoop interessante links mee – ik post ze hieronder:

Meer over dit alles in de presentatie hieronder!

Let wel: deze collectie slides is samengesteld in september 2012 en ik geef dus geen enkele garantie over hun inhoud wat het jaar 2013 betreft. De grote principes blijven gelukkig wel overeind, bijvoorbeeld het feit dat je maar 50 dagen per jaar aan verminderd RSZ-tarief kan werken.

3 heilige huisjes van uw Facebook strategie onderuit gehaald

Sociale media zoals Facebook en Twitter zijn overal: in de eerste plaats op uw desktop computer, maar ook op uw smartphone, tablet, op televisie (bvb. #7dag) en zelfs in reclames. Bedrijven willen veel likes op Facebook en veel volgers op Twitter om zo hun klanten te bereiken, maar dit is niet de juiste aanpak. In deze blogpost haal ik 3 heilige huisjes van een typische Facebook strategie onderuit. Een goed plan met de juiste doelstellingen bepaalt immers het succes van een sociale strategie.

(Deze post verscheen eerder op de website van The Reference. Je kan ‘m daar ook lezen – er staan nog interessante teksten!)

 

Een like is geen doel van een online strategie

Waar doet u het voor? Waarom bent u online aanwezig? Bedrijven die actief zijn in retail of e-commerce, zoals Colruyt of Makro, willen online producten verkopen en dus winst maken via een webshop. Een non-profit organisatie zoals de International Crisis Group wil druk zetten op beleidsmakers en de publieke opinie via onderzoeksrapporten. Een like op Facebook of een volger op Twitter dient dan om bedrijfsdoelstellingen te halen en is niet meer dan een middel.

Een eerste heilig huisje is hiermee onderuit gehaald: een like op Facebook (of een follower op Twitter) is geen doel van een online strategie.

Want wat betekenen duizelingwekkende aantallen volgers eigenlijk? Voorbeelden van de gekste pagina’s zoals  ‘That awkward moment when Rebecca Black doesn’t know which seat to take’ en hun vele volgers, of het verhaal van twitterkampioen Mathieu De Ruyck – lees zijn verhaal in het Nieuwsblad – zijn in deze context tekenend. Deze laatste jongeman had aan begin van 2012 nog meer dan 150.000 volgers op Twitter. De scepsis rond de manier waarop hij deze achterban vergaarde,  zette hem ertoe aan zijn twitter account te sluiten.  “was de roddels beu”.   Welke fout werd hier gemaakt? Het vergaren van volgers en likes was een doel geworden, geen middel. Door te weinig zorg te besteden aan alle aspecten van de online aanwezigheid, keldert een  online reputatie snel, en blijkt alle werk (en geld) om volgers te vergaren een maat voor niets.

 

Een like zorgt niet voor zichtbaarheid

In een vorige tip spraken we al over de juiste KPI’s om strategie in praktijk om te zetten. Als een like op Facebook geen doel op zich is, dan kan het aantal likes misschien dienen als KPI om het succes van de ruime strategie te meten? Display is immers altijd de eerste stap tot conversie…

Think again. Een like zorgt immers niet voor zichtbaarheid. Een gemiddelde pagina op Facebook bereikt immers zo’n 16% van haar fans per bericht dat ze plaatst. (Niet elke fan is immers online op het moment dat je iets publiceert op een pagina, niet elke pagina die je liket is even relevant voor je, en vooral: er is heel veel informatie die moet getoond worden in het nieuwsoverzicht. )
Meer likes zal er natuurlijk wel toe leiden dat meer mensen een bericht van een pagina gezien hebben. Het platform van Zuckerberg maakt echter een selectie van welke berichten getoond worden via het EdgeRank algoritme.

Enkele zaken die bepalen of een fan van een pagina een bericht te zien krijgt:

  • Interactie van de fan op eerdere berichten via likes, commentaren en shares;
  • Aantal vrienden van de fan die ook verbonden zijn met de pagina en hun interacties met de pagina;
  • Frequentie van updates van de pagina;
  • Wanneer de laatste update geplaatst werd;
  • Het soort updates: “rijke” content als foto’s en video’s zal meer getoond worden dan enkel tekst.

Al deze criteria tonen één ding: Facebook wil dat een pagina regelmatige en kwalitatieve inhoud deelt. Dat is dan ook de eerste stap om tot zichtbaarheid van pagina berichten te komen. Het is het soort inhoud dat uitnodigt tot interactiviteit – wat leidt tot een verhoogde zichtbaarheid.
(Een belangrijke bemerking hierbij is overigens dat Facebook één grote manier biedt om het EdgeRank algoritme te omzeilen, namelijk adverteren. Meer hierover in een volgend blogbericht.)

 

PageLever
De aangepaste EdgeRank leidde tot minder spam klachten. Kwalitatieve content wordt nu meer getoond.

 

Een like is geen KPI

Een like leidt dus niet tot een exponentieel verhoogde zichtbaarheid van berichten op Facebook. Andere parameters komen in het spel.

  • Bereik van een bericht;
  • Viraliteit van een bericht: aantal likes, shares, commentaren in verhouding tot het bereik van een bericht;
  • Aantal clicks op banners en naar website;
  • Verkeer naar de website/webshop vanaf Facebook;
  • Conversie: aantal bezoekers dat koopt;

Deze metrics zullen de basis leggen voor enkele belangrijke bedrijfsdoelstellingen of KPI’s die we kunnen definiëren:

  • Revenue: omzet van online verkoop, bannering, …;
  • Profit: winst op online verkoop, bannering, ….;
  • Leads en nieuwe klanten, via online aanwezigheid;
  • Aantal downloads (van bvb. een publicatie).

Concrete metrics en KPI’s zullen per bedrijf en per project uiteraard verschillen. Zo zal The Reference altijd met haar klanten concrete doelstellingen voorop stellen binnen de online strategie. Via o.a. een doorlichting van de huidige (of toekomstige) online strategie, interviews met stakeholders en workshops schrijven we het online verhaal samen met de klanten van The Reference.

 

Doe het anders

Het is dus duidelijk mogelijk om uw online strategie anders aan te pakken dan zomaar te hengelen naar likes. Hou deze zaken in het achterhoofd bij de sociale media strategie voor uw bedrijf of organisatie:

  • Integreer jouw sociale media strategie binnen jouw algemene online strategie;
  • Definieer bedrijfsdoelstellingen (KPI’s) voor jouw online strategie;
  • Besteed zorg aan alle aspecten van je online aanwezigheid;
  • Een like is geen KPI; de conversie van jouw bedrijfsdoelstellingen is dat wel;
  • Zorg voor regelmatige en kwalitatieve inhoud;
  • Bepaal metrics en KPI’s op maat van jouw bedrijf en doelstellingen;

Ik hou de Gentse Feesten gratis!

Alright, nog een week en het zijn weer Gentse Feesten! Het is al de 169ste editie van dit fantastische volksfeest in Gent, waarbij onze stad opnieuw tienduizenden mensen per dag mag ontvangen. We gaan natuurlijk allemaal genieten van die ontelbare gratis concerten, straatoptredens, danslessen en campings op welbepaalde pleinen.

(Hieronder vind je 3 tips voor een gezellige Gentse Feesten. Lees dus zeker verder!)

De Generatie O. spreekt

Beste Joke,

Met veel interesse las ik je stuk over “Generatie O.” in de nieuwe opinierubriek op de nationale sp.a-website. Je vindt de clichés die over jongeren de ronde doen in de media overtrokken. Ik ben blij, Joke, dat je jongeren niet alleen bier drinken, individualisme of apathie verwijt.

Zo verwijs je uitgebreid naar Stéphane Hessel, de 94-jarige Franse verzetsheld die met zijn “Indignez-vous” een hele generatie jongeren inspireerde om in verzet te komen tegen het maatschappelijk status-quo. We kennen de Occupy beweging, het Amerikaans geïnspireerde neefje van de Indignados, maar laten we natuurlijk ook de internationale studentenprotesten niet vergeten. Heb je al gehoord van de studentenprotesten in Canada? Daar kwamen de voorbije weken honderdduizenden studenten de straten op tegen de vermarkting van hun onderwijs, de hoge studieschulden, enzovoort.

Dichter bij huis zien we ook dat jongeren in actie komen voor een meer rechtvaardige samenleving. Jongeren vinden steeds meer de weg naar de politieke jeugdorganisaties. Je haalt zelf aan, Joke, dat het ledenaantal van Animo in stijgende lijn zit: iets wat ik uiteraard toejuich, maar niet als hoera-verhaal wil onthalen. Alle politieke jongerenpartijen in Vlaanderen komen immers nog lang niet aan 20.000 leden tezamen qua ledental . Als je weet dat er meer dan 1,1 miljoen jongeren tussen 15 en 30 in Vlaanderen wonen en nog zo’n 220.000 in Brussel – dan weet je dat er nog een lange weg te gaan is.

Dat geldt trouwens ook voor sp.a zelf. Ik ben enorm blij, en dat meen ik oprecht, dat je o.m. via jouw opiniestuk aandacht besteedt aan de jongeren als deel van het politiek bedrijf. Ik ben blij dat je jong talent ook in Genk belangrijke plaatsen op de lijst geeft. Ik zie alleen dat dat niet overal zo is.

Hoe moeilijk is het immers om je als jongere te bewijzen tegenover de gevestigde politieke klasse in veel steden in gemeenten – tegenover “de krokodillen”? Ik hoor genoeg verhalen van jongeren, uit alle hoeken van Vlaanderen, en ook uit andere partijen dan de onze. Hoe ze moeten strijden om nog maar aanvaard te worden binnen de eigen partij. Zeker in steden waar de eigen partij sterk staat in het bestuur, lijken jongeren op de lijst “niet nodig”. Als sp.a moeten we tegen zo’n uitgangspunt durven ingaan. Jongeren zijn immers een integraal deel van onze samenleving. Ze zijn niet de toekomst: ze zijn het heden!

Mijn commentaar van hierboven geldt bij uitbreiding voor jongeren als verkiezingsthema. Waar zijn alle politici die jongeren, buiten spelen en engagement zo belangrijk vinden, eens het gaat over GAS-boetes, jeugdhuizen, cultuur voor jongeren en wat niet meer? Bestuurt de sp.a niet mee op zowat elk denkbaar niveau in Vlaanderen en zelfs België? Dát zijn de (terechte) vragen die jongeren stellen als het over politiek gaat, en daar moeten wij als socialisten een antwoord op bieden. Ik blijf hier ook binnen sp.a Gent op hameren, en laat niet na om dat op partijbijeenkomsten ook te zeggen.

Jongeren overtuigen van het socialisme kan of mag immers niet enkel een taak zijn van andere jongeren. Durf investeren in coaching en training voor jonge politici – in de volksmond “kadervorming” genaamd. Laat jonge politici ook “scoren” in dossiers. Maak evenveel lawaai over het lokale jeugdhuis als over het lokale rusthuis. Niet omdat er sprake is van een generatiestrijd, maar van een gemeenschappelijke sociale strijd.

Joke,

Ik ben ervan overtuigd dat je voor beter wil gaan. Binnen en buiten onze partij, ook voor jongeren. Daarom maak ik hierover lawaai. Daarom maak ik je (een beetje?) het leven zuur door over dit alles een blogpost te schrijven. Omdat ik geloof dat we samen voor beter willen gaan.

Groetjes,

Sander.